Bij excellentie moeten we niet in de eerste plaats denken aan het individuele talent, maar aan een traditie die ontwikkeling van dat talent mogelijk maakt. Een goed voorbeeld hiervan is Bach, schrijft lector Bram de Muynck.
Een zoektocht naar concrete handvaten om plezier te hebben in de vakinhouden en om daar de christelijke identiteit aan te verbinden.
Gamen maakt sociaal en gelukkig, vertelde Marlou Poppelaars, onderzoekster aan de Radboud Universiteit, onlangs op de opiniepagina van het Reformatorisch Dagblad. Menig ouder reageerde verbaasd: moet ons kind nog langer achter de pc?
Het idee dat het instituut ‘school’ de garantie is voor de beste opvoeding zet thuisonderwijs onterecht in een kwaad daglicht, schrijft A. (Bram) de Muynck, lector Christelijk leraarschap.
Uit een reeks aan onderzoeken dringt zich de conclusie op dat multitaskers een risicogroep vormen. Het onderwijs doet er goed aan jongeren te leren singletasken.
In deze blog probeer ik uit te leggen hoe belangrijk de tweede dienst is voor christelijke vorming en dat we, teruggaand naar de oorsprong, deze ook nieuwe impulsen kunnen geven.
Elke docent is bezig met het vormen van de leerling. Soms bewust, maar vaker onbewust. En iedereen is het ermee eens dat je je leerlingen wilt vormen. Maar in gesprek met docententeams, merk ik dat het niet altijd even duidelijk is welk doel we eigenlijk voor ogen hebben, en hoe je daar als docent een bijdrage aan kunt leveren.
De eerste keer dat ik ze zag, was tijdens een bezoek aan Zaandam, afgelopen zomer. Iedereen kent wel die bussen vol Japanners, die in één dag Nederland komen ‘doen’ en tussen het Rijksmuseum, de Keukenhof en Volendam nog veertig minuten over hebben voor de Zaanse Schans. Bus uit, naar de eerste molen toe, om de beurt foto’s maken, poseren in zo’n reuzenklomp, opnieuw foto’s maken, kaasje kopen en weer de bus in.
Is christelijk onderwijs meetbaar anders? Nee, betoogt lector A. (Bram) de Muynck. ‘Christelijk’ is niet een concurrerend woord maar een verwijzend woord. Het bijvoeglijk naamwoord is een belijdenis dat Christus het oriëntatiepunt is.
Soms blijf je je verbazen. Bijvoorbeeld die keer dat iemand mij serieus wilde vertellen dat je van beginnende leraren niet kunt vragen om na te denken over de identiteit in hun vaklessen.
Het is pauze op school. Verschillende leraren zitten al aan de koffie als een collega binnenkomt: moe, bleek. Collega’s denken in eerste instantie dat hij ziek is. Ze worden snel uit hun droom geholpen. Deze pedagogisch sterke leraar heeft het na twee uur werken al helemaal gehad.
Hebben ouders het vandaag de dag moeilijker bij de opvoeding van hun kinderen dan vroeger? Veel ouders zullen direct met ja antwoorden en in één adem de sociale media de schuld geven. Maar zo eenvoudig ligt het niet.
Het verschijnsel zwarte piet kun je niet meer neutraal tegemoet treden, sinds bezwaarden hebben laten zien dat de knecht van Sinterklaas met stereotypen van zwarte mensen te maken hebben en ook iets met de herinneringen aan de slavenhandel.
“Juf, wat komt u hier doen vandaag? Nu hebben we twee juffen én een meester in de klas.” “Is dat uw moeder, meester?” “Hoeft u niet te werken vandaag?” De laatste leerling heeft het goed door. Ik hoef vandaag niet te werken. Ik mag op stagebezoek.
Hijs de stormbal! WhatsApp heeft de kleur van z’n vinkjes veranderd en Nederland staat op z’n achterste benen. De vinkjes bewijzen dat het bericht niet alleen binnengekomen is op de telefoon van de ontvanger, maar dat hij het ook gelezen heeft. Dit eenvoudige vinkje werd wereldnieuws. Wat leren (media)opvoeders hiervan?