Niet glimlachen tot de kerst? 13 september 2012 Door P.M. (Piet) Murre, manager lerarenopleidingen voortgezet onderwijs

Je zult er maar staan als beginnend leraar. Het schooljaar is in volle hevigheid losgebarsten, jij moet je klassen ‘runnen’ en de eerste ordeproblemen hebben zich echt goed laten merken.

Soms wordt door ervaren leerkrachten als tip aan beginnende docenten meegegeven om flink streng te beginnen. “Don’t smile until Christmas.” Of onder het motto: “Eerst zullen ze me vrezen!” En dan, met enig geluk, misschien later liefhebben. Is dat de goede aanpak? Werkt dat echt zo?
Nee, zo werkt het niet, ondanks wat er vaak over gezegd wordt. Ik noem drie invalshoeken.
Allereerst, dit is onderzocht in de praktijk, en het klopt gewoon niet. Ervaren leraren doen dat ook niet zo. Ze zeggen het wel, maar als je naar hun gedrag kijkt blijken ze met hun uitspraak onder meer te bedoelen: stel in het begin van het schooljaar met de leerlingen een beperkt aantal handhaafbare en aanvaardbare regels op en houd je daar (een beetje) aan. Hoogleraar Theo Wubbels in Didaktief (nr 3, maart 2010): “Wanneer je observeert in klassen van die leraren vallen er ook heel andere dingen op: ze tonen belangstelling voor leerlingen en proberen kinderen die moeite hebben met de stof extra te helpen. Ze maken zelfs grapjes. Als er ordeverstoringen dreigen, laten ze met hele kleine signalen merken dat ze het gezien hebben; juist aan de leerling voor wie dat nodig is. Zo blijven leerlingen bij de les door een heel samenspel van acties van leraren.”
Ten tweede, goede leraren richten zich in de relaties die ze opbouwen met leerlingen niet allereerst op de negatieve kant ervan; het bepalen van een strafmaat en dergelijke. Het is bij beginnende leraren een bijna onbedwingbare reflex om ongewenst gedrag binnen de perken te houden door straf. Er is echter niets zo aan devaluatie onderhevig als straf. Iedereen die ooit ‘heeft school gegaan’ herkent dat: 1 uur nakomen, 2 uur, 4 uur, een dag, een week. Dat helpt niet. Het lost het probleem niet op, maakt leerlingen passief en soms agressief en het eind is zoek, omdat er eigenlijk sprake is van voortdurende escalatie. Het loont om het gedrag van goede docenten na te bootsen en je eigen te maken. Je moet het probleem omdraaien en denken vanuit de leerlingen. Onlangs werd dat naar aanleiding van het boek ‘Star teachers of children in poverty’ als volgt samengevat:
-      vind iets waarin de leerling is geïnteresseerd;
-      vind iets anders dat de leerling kan doen;
-      vind iets dat de leerling kan delen met de groep.
Ten derde nog deze overweging. Straf is niet verboden en ook niet altijd ongewenst. De Bijbel ruimt ook een bepaalde plaats in voor tucht, waaronder straf. Maar neem eens de volgende redenering: als leraar draag ik gezag over leerlingen. Als zij niet luisteren zijn ze ongehoorzaam. Dus verdienen ze dan straf. Ik bepaal wanneer, wat en hoeveel. Akkoord? En nu deze: als directeur of teamleider draag ik gezag over leraren. Als zij niet luisteren zijn ze ongehoorzaam. Dus verdienen ze dan straf. Ik bepaal wanneer, wat en hoeveel. Nog steeds akkoord? Leidinggevenden die zo redeneren zullen weinig succesvol zijn. Een positieve benadering doet meer recht aan het serieus nemen van de ander, aan hem liefhebben als je naaste, aan ‘Wat gij wilt dat u geschiedt doe dat ook een ander’

Ben jij een startende docent en zou je graag nog eens meer theoretische en praktisch kennis op willen doen? Misschien is de zomercursus iets voor jou.