Het ontwikkelingsperspectief in ParnasSys

Het ontwikkelingsperspectief wordt door ib'ers en leerkrachten weleens ingewikkeld gevonden. Door slim gebruik te maken van ParnasSys, kunnen we het zo eenvoudig mogelijk houden. 

Als extra ondersteuning nodig is, komt het samenwerkingsverband in beeld. Je hebt dan te maken met afspraken over basisondersteuning (beschreven in het SOP) en extra ondersteuning zoals die gemaakt zijn tussen het samenwerkingsverband en de scholen. Die afspraken verschillen per samenwerkingsverband. Vaak valt er veel onder basisondersteuning, zoals dyslexie en dyscalculie. Een kind komt meestal alleen in aanmerking voor extra ondersteuning bij zeer moeilijk leren, langdurige ziekte, lichamelijke handicap of gedrag.

Als je voor een leerling een onderwijsarrangement hebt aangevraagd, bijvoorbeeld via Kindkans, en het toegewezen wordt, kan dit toegekende arrangement in ParnasSys aan het dossier van de leerling worden toegevoegd via Leerling -> Onderwijs -> Passend Onderwijs. ParnasSys zorgt er dan voor dat zo’n onderwijsarrangement uitgewisseld wordt met BRON. 

In feite heeft de functionaliteit Ontwikkelingsperspectief in ParnasSys twee mogelijkheden:
  1. Je stelt m.b.v. ParnasSys een OP op en dat is dan het aanvraagformulier voor een arrangement richting het Loket van het SWV. (steeds meer SWV’en gaan akkoord met deze manier van aanvragen)
  2. Na toekenning is datzelfde OP het contract tussen school en ouders, waarin staat wat het uitstroomniveau en de uitstroombestemming is aan het einde van de schoolloopbaan. Dan wordt ook globaal het beredeneerd aangepast leerstofaanbod beschreven. In de praktijk wordt er per planperiode een ontwikkelingsperspectiefplan (OPP) opgesteld, waarin concreet staat wat, hoe en wanneer de leerling gaat leren. Na afsluiting/evaluatie van zo’n OPP volgt weer een nieuw plan, enz.

Een eigen leerroute/ontwikkelingsperspectief niet verplicht/ wel aan te bevelen

Als je voor een leerling een eigen leerroute opstelt, zonder arrangement van het samenwerkingsverband, dan zou het zo moeten zijn dat je deze leerling nog voldoende kunt bieden binnen het ondersteuningsprofiel van je school, met een beredeneerd aangepast aanbod. Voor deze leerling mag je dan natuurlijk voor eigen gebruik een ontwikkelingsperspectief opstellen, waarin je bijvoorbeeld het uitstroomniveau en de uitstroombestemming vastlegt samen met de ouders. Zo’n ontwikkelingsperspectief voor eigen gebruik is zelfs aan te bevelen. Op die manier zie je het ontwikkelingsperspectief als een langlopend (globaal) handelingsplan.

Een leerling met een eigen leerroute wordt vaak adaptief getoetst. Strikt genomen hoeft in zo’n geval geen ontwikkelingsperspectief opgesteld te worden. Maar het is wel aan te bevelen om dat voor eigen gebruik toch te doen. Hiermee wordt namelijk een dossier (bewijslast) opgebouwd voor een eventueel latere aanvraag voor een arrangement of toelaatbaarheidsverklaring (TLV). Ook voor de ouders kan zo’n ontwikkelingsperspectief dan dienen als verantwoordings- en evaluatiedocument.

Sinds september 2015 kan iedere school die ParnasSys gebruikt via Beheer -> Ontwikkelingsperspectief zelf aangeven welke notities uit de Map er standaard in het ontwikkelingsperspectief moeten worden ingelezen. Denk dan bijvoorbeeld aan stimulerende en belemmerende factoren en onderwijsbehoeften. Op die manier kun je zo veel mogelijk aansluiten bij datgene wat je al vanuit de basisondersteuning hebt vastgelegd voor een leerling. Vervolgens kan er bij de leerling, via Begeleiding -> Ontwikkelingsperspectief, een ontwikkelingsperspectief worden toegevoegd. Hier heeft ParnasSys dan al veel automatisch opgehaald en klaargezet, zoals NAW, schoolloopbaan, IQ, medicijnen, beperkingen en de in Beheer gekozen notitiecategorie├źn. Zo hoeven er geen zaken overgeschreven te worden.